Voor het eerst hebben de Amerikaanse Centers for Disease Control and Prevention (CDC) bewijsmateriaal gedocumenteerd voor de overdracht van de H5N1-vogelgriep van een huiskat op een mens. De zaak betreft een dierenarts uit Los Angeles County die tussen eind 2024 en begin 2025 in contact kwam met een geïnfecteerde katachtige.
Het nieuws – dat geven we meteen aan – betekent niet dat er een nieuwe noodsituatie op gezondheidsgebied is begonnen, maar het bevestigt een angst waar experts al een tijdje over praten: katten kunnen, net als andere besmette dieren, een mogelijke brug vormen voor de overdracht van het virus op mensen.
Volgens het rapport gepubliceerd door de CDC op Wekelijks rapport over morbiditeit en mortaliteit (MMWR)de professional ontwikkelde geen griepsymptomen, maar er werden wel specifieke antilichamen tegen het H5N1-virus in zijn bloed aangetroffen, verenigbaar met een eerdere infectie die hij tijdens het werk had opgelopen.
Wat is er gebeurd
Het onderzoek begon na een reeks infecties die tussen eind 2024 en begin 2025 in Californië werden aangetroffen bij verschillende huishoudens. In totaal ontwikkelden 19 huiskatten ernstige vormen van de ziekte na het nuttigen van rauw dierlijk voedsel, zoals ongepasteuriseerde melk, vers vlees of diervoer op basis van vlees.
De symptomen die bij katten werden waargenomen, waren vaak ernstig en betroffen meerdere systemen: ademhalingsproblemen, neurologische aandoeningen zoals ataxie en zwakte, evenals ernstige oogproblemen tot blindheid. In veel gevallen was de uitkomst fataal, met 14 sterfgevallen tussen spontane sterfgevallen en diergeneeskundige moorden.
Laboratoriumanalyses bevestigden dat de dieren besmet waren met het influenza A(H5N1)-virus, behorend tot clade 2.3.4.4b, een variant die de afgelopen jaren al circuleerde bij verschillende uitbraken onder wilde vogels en zoogdieren in Noord-Amerika.
Naar aanleiding van deze incidenten zijn lokale en federale gezondheidsautoriteiten een gecoördineerd onderzoek gestart waarbij meerdere instanties betrokken waren, waaronder de volksgezondheidsafdelingen van Los Angeles County en Louisiana, samen met de CDC. In totaal werden 139 mensen geïdentificeerd die mogelijk waren blootgesteld aan geïnfecteerde katten, waaronder eigenaren, veterinair personeel en operators die betrokken waren bij het beheer van de dieren of karkassen.
Alle blootgestelde personen werden aanvankelijk gecontroleerd en onderworpen aan moleculaire tests in de acute fasen, zonder bewijs van actieve infecties. Pas later, via serologische analyses die maanden na blootstelling werden uitgevoerd, kwam bij een asymptomatische dierenarts de aanwezigheid van specifieke antilichamen tegen het H5N1-virus aan het licht.
Volgens het CDC-rapport had de arts deelgenomen aan verschillende klinische procedures bij een ernstig zieke kat, waaronder risicovolle blootstellingsactiviteiten zoals intubatie en het verzamelen van biologische monsters. Bij deze operaties werden handschoenen gebruikt, maar ademhalings- of oogbescherming was niet altijd aanwezig.
De onderzoekers sloten ook andere waarschijnlijke bronnen van besmetting uit, zoals contact met besmet vee, pluimveebedrijven of directe blootstelling aan andere zieke dieren, waardoor het verband met de zorg voor de besmette kat aannemelijk werd.
Het doel van het onderzoek was niet alleen om de afzonderlijke episode te identificeren, maar om de dynamiek van de overdracht tussen dieren en mensen in veterinaire contexten beter te begrijpen.
Waarom katten deskundigen zorgen baren
Onderzoekers houden de toename van H5N1-infecties bij huiskatten al een tijdje nauwlettend in de gaten. Katachtigen lijken bijzonder kwetsbaar voor dit virus en kunnen niet alleen besmet raken door op zieke vogels te jagen, maar ook door besmet rauw voedsel te consumeren.
De nieuwe studie toont geen wijdverbreide overdracht tussen katten en mensen aan, noch overdracht van mens op mens. Het vertegenwoordigt echter het eerste gedocumenteerde serologische bewijs van een mogelijke directe overgang van kat naar mens.
En juist dit aspect maakt de zaak op wetenschappelijk vlak belangrijk.
Bestaat er werkelijk een pandemierisico?
H5N1 wordt al jaren gemonitord omdat het wordt beschouwd als een van de griepvirussen met het grootste pandemische potentieel. De afgelopen tijd heeft de ziekteverwekker het aantal getroffen soorten enorm uitgebreid, van vogels naar veel zoogdieren, waaronder runderen, vossen, zeehonden en katten.
Volgens de Centers for Disease Control and Prevention blijft de situatie onder controle vanuit het oogpunt van risico voor de algemene bevolking. Het virus heeft nog niet het vermogen verworven om zich gemakkelijk tussen mensen te verspreiden, wat een noodzakelijke voorwaarde is voor het veroorzaken van een pandemie. Zoals vermeld in het rapport van het bureau:
het risico voor de algemene bevolking wordt momenteel als laag beschouwd.
Deskundigen raden echter aan voorzichtig te zijn, vooral voor degenen die in nauw contact werken met mogelijk besmette dieren.
CDC-aanbevelingen
In het document dringt de CDC er bij eigenaren op aan om katten geen rauwe melk of rauw vleesvoer te geven, omdat dit een bron kan zijn van H5N1-virusinfectie bij huisdieren.
Voor dierenartsen en werknemers in de dierensector wordt het belang van het gebruik van adequate persoonlijke beschermingsmiddelen herhaald bij de behandeling van katten of andere dieren met ademhalings-, neurologische of vermoedelijke griepsymptomen, evenals tijdens procedures waarvan wordt aangenomen dat ze een groter risico lopen op blootstelling (zoals intubatie of het verzamelen van biologische monsters).
Het rapport benadrukt ook de noodzaak van tijdige en gecoördineerde surveillance van gevallen bij dieren en mensen, waarbij blootgestelde mensen worden getest en getraceerd om eventuele infecties vroegtijdig te identificeren, zelfs als er geen symptomen zijn. Een geïntegreerde ‘One Health’-aanpak, die de gezondheid van mens, dier en milieu samenbrengt, wordt als fundamenteel beschouwd om nieuwe uitbraken in te dammen en de evolutie van het virus te monitoren.
