Na weken van alarm en terugroepacties waarbij tientallen landen over de hele wereld betrokken waren, is het nu de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) die officieel heeft ingegrepen in de kwestie van zuigelingenvoeding die besmet is met het cereulidetoxine.

Het Europese agentschap heeft nog geen definitief oordeel uitgesproken over het risico, maar heeft wel het gezondheidsbeeld verduidelijkt en de start aangekondigd van een cruciale wetenschappelijke evaluatie die zal dienen om vast te stellen wanneer en onder welke omstandigheden besmette producten uit de markt moeten worden gehaald.

Voor degenen die het verhaal niet hebben gevolgd: we herinneren u eraan dat de terugroepactie voor zuigelingenvoeding in december 2025 begon en binnen een paar weken tientallen landen in Europa en daarbuiten omvatte. De geïnteresseerden waren verschillende kavels van internationale merken – in de eerste plaats Nestlé, maar ook Lactalis en, in beperktere mate, Danone – die werden gedistribueerd via een mondiale toeleveringsketen gebaseerd op gemeenschappelijke leveranciers van grondstoffen.

Volgens de tot nu toe beschikbare informatie lijkt het probleem verband te houden met een enkele Chinese leverancier van ARA-olie, het arachidonzuur dat wordt gebruikt in hoogwaardige formules om de lipidensamenstelling van moedermelk te reproduceren.

De tussenkomst van de EFSA

Weken na de start van de eerste terugroepacties heeft de EFSA een mededeling gepubliceerd waarin de stand van zaken op het gebied van de voedselveiligheid wordt opgemaakt. De Autoriteit verduidelijkt de aard van het betrokken toxine, de mogelijke effecten op de gezondheid van pasgeborenen en legt vooral uit welke wetenschappelijke stappen nog nodig zijn om gedeelde veiligheidsdrempels op Europees niveau te definiëren.

EFSA meldt dat cereulide een toxine is dat door de bacterie wordt geproduceerd Bacillus cereus wat plotselinge maag-darmklachten kan veroorzaken. Klachten treden doorgaans op tussen 30 minuten en zes uur na inname en omvatten misselijkheid, braken en maagpijn.

Bij jongere baby’s kunnen de gevolgen echter ernstiger zijn. Het toxine kan de zoutbalans van het lichaam veranderen en tot complicaties zoals uitdroging leiden. Mogelijke gezondheidseffecten worden als mild tot matig beschouwd, maar zijn sterk afhankelijk van de leeftijd van het kind: pasgeborenen en kinderen jonger dan zes maanden lopen het grootste risico op het ontwikkelen van ernstige symptomen.

Een bijzonder kritisch aspect is dat cereulide een thermostabiel toxine is, dat wil zeggen dat het niet wordt geïnactiveerd door normale verwarmings- of bereidingsprocessen van zuigelingenvoeding. Dit betekent dat het risico, zodra het in het product aanwezig is, op binnenlands niveau niet kan worden geëlimineerd.

Het ECDC heeft meldingen ontvangen van gevallen van diarree bij zuigelingen na consumptie van de teruggeroepen producten. Er zijn onderzoeken gaande in verschillende landen en tot nu toe zijn er geen ernstige gevallen gerapporteerd die rechtstreeks met zekerheid aan deze besmetting kunnen worden toegeschreven. In Frankrijk zijn twee strafrechtelijke onderzoeken geopend naar aanleiding van de dood van twee pasgeborenen, maar het oorzakelijk verband met de besmette melk wordt nog steeds onderzocht door de gerechtelijke autoriteiten.

In één gedocumenteerd geval testte een baby die kunstvoeding uit een teruggeroepen partij consumeerde positief op het toxine en ontwikkelde braken en diarree, met een daaropvolgend volledig herstel.

De EFSA wil echter graag een belangrijk aspect verduidelijken: braken en diarree bij pasgeborenen zijn veel voorkomende symptomen die door veel verschillende factoren kunnen worden veroorzaakt, waaronder virale infecties zoals het norovirus. Niet alle gevallen van gastro-intestinale stoornissen houden daarom noodzakelijkerwijs verband met melkverontreiniging.

Er zijn geen officiële limieten voor cereulide

De centrale kwestie, onderstreept door de Europese Autoriteit, is dat er momenteel geen officiële toxicologische drempelwaarde bestaat voor cereulide. Bij gebrek aan een referentiewaarde zijn de terugroepacties die tot nu toe hebben plaatsgevonden gebaseerd op het principe van maximale voorzorg.

Juist om deze leemte op te vullen heeft de Europese Commissie de EFSA formeel opgedragen een wetenschappelijk advies uit te brengen waarmee zij kan vaststellen wanneer de aanwezigheid van het toxine een concreet risico voor de gezondheid vormt en wanneer de verplichting om de producten uit de handel te nemen in werking treedt.

De EFSA zal met name:

Deze stap is cruciaal omdat zelfs relatief lage concentraties van verontreinigende stoffen kunnen leiden tot aanzienlijke blootstelling bij jongere kinderen.

EFSA, ECDC en de Europese Commissie werken nauw samen om een ​​effectieve reactie op deze meerlandenwaarschuwing te garanderen. Het ECDC houdt de situatie voortdurend in de gaten, verstrekt wetenschappelijk advies aan nationale onderzoeken en vergemakkelijkt de tijdige uitwisseling van informatie tussen de lidstaten.

Informatie over acties op het gebied van voedselveiligheid wordt gedeeld via het Rapid Alert System for Food and Feed (RASFF), het platform van de Europese Unie dat zich toelegt op het uitwisselen van informatie over voedselgerelateerde risico’s.

Aanbevelingen voor ouders

De Europese autoriteit geeft duidelijke aanwijzingen voor degenen die met deze situatie worden geconfronteerd. De uit de markt teruggeroepen producten mogen onder geen enkele omstandigheid aan zuigelingen of jonge kinderen worden toegediend.

Voor zuigelingen die braken of diarree krijgen na het nuttigen van de zuigelingenvoeding die in de terugroepactie is opgenomen, raadt het ECDC aan onmiddellijk een kinderarts te raadplegen. Als de symptomen ernstig zijn – bijvoorbeeld bij uitdroging of aanhoudend braken – moet u naar de eerste hulp gaan. Gastro-intestinale symptomen bij pasgeborenen kunnen snel escaleren tot ernstige complicaties, ongeacht de onderliggende oorzaak.

Consumenten moeten de instructies en richtlijnen van de nationale voedselveiligheidsautoriteiten zorgvuldig opvolgen en de batchnummers van de producten in hun bezit verifiëren via officiële kanalen.

Vervolgens benadrukt de EFSA een positief feit: gezien het feit dat de producten in veel landen zijn teruggeroepen, neemt de kans op verdere blootstelling aan het toxine geleidelijk af. Wereldwijde terugroepacties beperken de circulatie van besmette partijen en verminderen het aantal kinderen dat mogelijk wordt blootgesteld.

Wat er is gebeurd, heeft echter de kwetsbaarheid van de mondiale toeleveringsketen van ingrediënten voor kindervoeding benadrukt. Wanneer één enkele grondstoffenleverancier tegelijkertijd aan meerdere grote internationale merken levert, kan een probleem bij de bron zich snel wereldwijd verspreiden, waardoor terugroepacties te laat of fragmentarisch plaatsvinden.

Met deze interventie sluit de EFSA de noodsituatie niet af, maar legt zij de wetenschappelijke basis om te voorkomen dat soortgelijke crises zich opnieuw voordoen, waarbij voor het eerst duidelijke en geharmoniseerde criteria worden gedefinieerd voor het beheer van het risico dat verband houdt met cereulide bij pasgeborenen.

Dit wetenschappelijk advies zal van fundamenteel belang zijn voor het definiëren van preciezere en uniformere veiligheidsnormen op Europees niveau. EFSA heeft aangekondigd dat het document in de week van 2 februari 2026 op haar website zal worden gepubliceerd.