Transportarmoede onthuld in Italië: een fenomeen dat 7 miljoen mensen in de val lokt. In een land dat steeds meer streeft naar een duurzame en inclusieve toekomst komt een alarmerend feit naar voren: meer dan 7 miljoen Italianen leven in een toestand die wordt gedefinieerd als ‘vervoersarmoede’. Dit is een diepgaande sociale kwetsbaarheid die zich manifesteert in het onvermogen om de kosten van mobiliteit te dragen of in het gebrek aan toegang tot essentieel vervoer om werk, diensten en sociale kansen te bereiken. Deze foto komt voort uit de eerste Groenboek over vervoersarmoede in Italiëgepresenteerd in Milaan door het Transport Poverty Lab (TPLab), een initiatief van de Foundation for Sustainable Development.

Het rapport, gesponsord door belangrijke instellingen zoals de Europese Commissie en de ministeries van Milieu en Infrastructuur, richt de schijnwerpers op een vaak onzichtbare realiteit, maar met een verwoestende impact op het dagelijks leven van miljoenen mensen, waardoor de rechtvaardigheid en volledige deelname aan het sociale en economische leven in gevaar komen.

De kaart van kwetsbaarheid: ongelijkheden en territoriale kloven

  1. De cijfers gepresenteerd door Groenboek ze zijn welsprekend en schetsen een Italië met meerdere snelheden op het gebied van mobiliteit. Ongeveer 1,2 miljoen gezinnen worden tegelijkertijd geconfronteerd met het risico van algemene armoede en bijzonder hoge mobiliteitskosten. Maar het meest opvallend zijn de gegevens over de 7,3 miljoen burgers die in gebieden wonen met een ontoereikend aanbod van openbaar vervoer.

De territoriale kloof is dramatisch: terwijl Milaan ruim 16.000 zitplaatskilometers per inwoner telt en het nationale gemiddelde 4.623 bedraagt, daalt dit cijfer in sommige gebieden in het zuiden, zoals Sardinië en Sicilië, onder de 200 zitplaatskilometers. Op regionaal niveau kent Calabrië het hoogste aandeel kwetsbare gezinnen, namelijk meer dan 10%, terwijl Trentino-Alto Adige onder de 2% blijft. Deze verschillen benadrukken hoe duurzame mobiliteit en toegang tot transport niet alleen milieukwesties zijn, maar fundamentele pijlers voor sociale gelijkheid.

De vier soorten transportarmoede

Om het fenomeen beter te begrijpen, is de Groenboek identificeert vier macrotypes van kwetsbare burgers, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen degenen die moeite hebben om de kosten te dragen en degenen die geen toegang hebben tot de noodzakelijke middelen:

Hieraan wordt nog de ‘geïnduceerde kwetsbaarheid’ toegevoegd, een fenomeen dat optreedt wanneer Europese maatregelen voor duurzame mobiliteit een economische impact hebben op burgers en micro-ondernemingen. Om dit te bestrijden zal het Sociaal Klimaatfonds tussen 2026 en 2032 ongeveer 85 miljard euro mobiliseren, waarvan 9 bestemd zijn voor Italië.

Een decaloog van oplossingen voor eerlijkere mobiliteit

De Groenboek beperkt zich niet tot het fotograferen van het probleem, maar stelt een echte ‘decaloog van maatregelen’ voor om de vervoersarmoede te bestrijden, geïnspireerd door de Europese Verordening en de Leidraad voor de sociale klimaatplannen. De acties zijn gericht op twee macrocategorieën:

  1. Vergemakkelijk de toegang tot emissievrije en emissiearme voertuigen: met financiële steun, fiscale stimuleringsmaatregelen voor aankoop of leasing, investeringen in slimme laadinfrastructuur, sloopbonussen voor vervuilende voertuigen en subsidies voor micro-ondernemingen.
  2. De toegang tot gedeelde en duurzame mobiliteit vergemakkelijken: door het bevorderen van fietsen en micromobiliteit, prikkels voor het gebruik van openbaar vervoer (ook met sociale tarieven), steun voor on-demand en het delen van mobiliteitsdiensten, uitbreiding van het aanbod van openbaar vervoer in plattelandsgebieden en het creëren van mobiliteitsknooppunten.

Internationale voorbeelden zoals de ‘Mobility Wallet’, die al is getest in Los Angeles, Brussel en Frankrijk, laten zien hoe inkomensgerelateerde digitale portemonnees de toegang tot mobiliteitsdiensten kunnen vergemakkelijken.

De stemmen van experts: de toewijding aan verandering

De betrokken instellingen en actoren onderstrepen de urgentie van actie. Hon. Vannia Gava, vice-minister van Milieu en Energiezekerheid, benadrukt hoe het Sociaal Klimaatplan 9 miljard euro aan Italië zal toewijzen om het openbaar vervoer en de mobiliteit op aanvraag te versterken, inclusief vouchers voor kwetsbare gebruikers.

Edo Ronchi, voorzitter van de Stichting voor Duurzame Ontwikkeling, herhaalt dat de ecologische transitie voor iedereen een kans moet zijn, en geen beperking, en dat de transportsector de enige in Italië is die sinds 1990 de uitstoot niet heeft verminderd. Giuseppina Gualtieri, vice-president van Asstra en CEO van Tper, onderstreept de toewijding aan toegankelijkheid en het recht om gebruik te maken van het openbaar vervoer.

Fabrizio Garavaglia van Nordcom benadrukt de rol van digitale oplossingen bij de bestrijding van vervoersarmoede, terwijl Raimondo Orsini, coördinator van het TPLab, onderstreept hoe vervoersarmoede niet alleen de meest achtergestelde groepen treft, maar gevolgen heeft voor de economische ontwikkeling van het hele Italiaanse systeem, wat een krachtig en moedig nationaal en regionaal beleid vereist.

Op weg naar een rechtvaardigere en duurzamere toekomst

Vervoersarmoede is een complexe uitdaging die een holistische en geïntegreerde aanpak vereist. De Groenboek van het TPLab markeert een fundamentele stap in de richting van bewustzijn en actie, en legt de basis voor beleid dat niet alleen de uitstoot terugdringt, maar alle burgers, ongeacht inkomen of verblijfplaats, het recht op toegankelijke en waardige mobiliteit garandeert. Alleen op deze manier zullen we in staat zijn een werkelijk eerlijke en duurzame samenleving op te bouwen, waarin niemand achterblijft op het pad naar het koolstofvrij maken en vooruitgang.