De moderne geneeskunde heeft een stille en zeer krachtige obsessie: om daar vóór de tumor te komen, deze te onderscheppen wanneer deze nog geen symptomen vertoont, wanneer deze niet op diagnostische beelden verschijnt en wanneer de kansen op genezing drastisch groter zijn. Een vroege diagnose van kanker is het echte keerpunt dat het lot van miljoenen mensen kan veranderen, maar toch beweegt de vijand zich in de beginfase met een bijna onzichtbaar vermogen.

In het bloed circuleren microscopische aanwijzingen: fragmenten van genetisch materiaal, microRNA’s (miRNA’s) genoemd, die een soort moleculaire signatuur van de ziekte vertegenwoordigen. Het probleem is dat deze sporen zo ijl zijn dat ze bijna onmerkbaar zijn, zelfs voor de meest geavanceerde technologieën die momenteel in gebruik zijn. Het identificeren ervan staat gelijk aan het onderscheiden van een gefluister te midden van het lawaai van een menigte.

En dit is precies waar een technologie in beeld komt die we tot voor kort vrijwel uitsluitend associeerden met genbewerking: CRISPR. Een groep onderzoekers van de Universiteit van Shenzhen heeft de beroemde ‘genetische schaar’ getransformeerd in iets anders: een uiterst nauwkeurige sensor die in staat is tumorbiomarkers te detecteren in concentraties die de fysieke meetgrenzen raken.

Extreme gevoeligheid

De gegevens die meteen opvallen zijn de detectielimiet die door het nieuwe systeem wordt bereikt: 168 zeptomolaren. Om het idee concreet te maken: dit is een gevoeligheid die vergelijkbaar is met de gevoeligheid die nodig is om één enkele suikerkorrel opgelost in het water van de Noord-Amerikaanse Grote Meren te detecteren. Een niveau dat de grenzen van de natuurkunde benadert.

Aan de basis van deze innovatie ligt een geavanceerd mechanisme dat nanotechnologie, biochemie en geavanceerde optica combineert. De sensor maakt gebruik van een fenomeen dat Second-Harmonic Generation (SHG) wordt genoemd, een proces waarbij twee fotonen samenkomen om één enkel foton met dubbele energie te genereren wanneer ze bepaalde materialen raken. Met deze eigenschap kunt u zelfs minimale variaties op het oppervlak van een materiaal met uiterste precisie volgen.

De onderzoekers gebruikten molybdeendisulfide (MoS₂), een tweedimensionaal materiaal vergelijkbaar met grafeen, als platform voor de reactie. De zeer dunne structuur maakt hem buitengewoon gevoelig, maar vereist signaalverbetering. Om dit te doen, gebruikte het team de DNA-origamitechniek, waarbij kleine moleculaire scaffolds op nanometerschaal werden gebouwd. Op deze structuren zijn kwantumdots gepositioneerd, microscopisch kleine deeltjes die het lichtsignaal kunnen versterken terwijl ze een perfect gekalibreerde afstand tot het sensoroppervlak behouden.

Op dit punt komt CRISPR in het spel, in een geheel nieuwe gedaante.

CRISPR als moleculaire schakelaar: de sensor die uitschakelt

Het systeem maakt gebruik van CRISPR-Cas12a, maar niet om DNA te bewerken. In dit geval werkt het als een structurele schakelaar. De sensor wordt blootgesteld aan het bloedmonster van de patiënt en als er een specifieke tumorbiomarker, miRNA-21, aanwezig is, herkent het enzym deze door een reactie te activeren die ervoor zorgt dat de kwantumdots loskomen.

Het resultaat is verrassend: het lichtsignaal dimt. Hoewel veel apparaten worden ingeschakeld wanneer ze het doelwit lokaliseren, doet dit systeem het tegenovergestelde. Het wordt donkerder. Juist door de afname van het licht kunnen onderzoekers nauwkeurig berekenen hoeveel tumor-RNA in het monster aanwezig is.

Het idee is even elegant als krachtig: luisteren naar de stilte die wordt gegenereerd door een deeltje dat weg beweegt om de aanwezigheid van kanker te ontdekken.

Klinische tests op echte patiënten: vergelijking met PCR

Veel ontdekkingen blijven theoretische beloften. In dit geval testte het team de sensor op echte klinische monsters, waarbij het bloed van tien longkankerpatiënten en vijf gezonde proefpersonen werd geanalyseerd.

De vergelijking werd uitgevoerd met de huidige diagnostische standaard, RT-qPCR (Reverse Transcription Quantitative Polymerase Chain Reaction). De resultaten lieten een significant verschil zien. De PCR toonde signaalvariaties tussen 0,36% en 8,64% tussen gezonde en zieke individuen, terwijl de nieuwe op SHG gebaseerde sensor veel grotere variaties registreerde, van 11% tot 54%.

Op diagnostisch gebied betekent dit maar één ding: meer duidelijkheid. Een duidelijker signaal vermindert de onzekerheid, beperkt de noodzaak van herhaalde tests en kan de angst in verband met dubbelzinnige resultaten helpen verminderen. Bovendien zou het systeem, omdat het om een ​​eenvoudige bloedtest gaat, de noodzaak van invasieve en pijnlijke biopsieën kunnen verminderen.

Een modulair platform voor vele ziekten

Een van de meest interessante aspecten betreft de programmeerbaarheid van het systeem. DNA-origami kan opnieuw worden geconfigureerd en, door het gids-RNA van het CRISPR-complex te wijzigen, kan hetzelfde apparaat worden aangepast om biomarkers te detecteren die verband houden met de ziekte van Alzheimer, infectieziekten of hart- en vaatziekten, zonder in te grijpen op de fysieke hardware.

Dit opent het vooruitzicht op een modulair diagnostisch platform dat zich met eenvoudige moleculaire herprogrammering kan aanpassen aan verschillende klinische omstandigheden.

We bevinden ons nog in de onderzoeks- en validatiefase, maar het idee dat een eenvoudig bloedmonster de aanwezigheid van een tumor kan onthullen voordat deze op een CT-scan of MRI verschijnt, vertegenwoordigt een diepgaande verandering in onze visie op kankerpreventie. Het betekent dat de aandacht wordt verlegd van de genezing naar het daadwerkelijke anticiperen op de ziekte, waarbij een concrete mogelijkheid wordt geboden om in te grijpen wanneer de kanker nog stil is.

Mogelijk bent u ook geïnteresseerd in: